TIEN GROTE KRIEGELWIJSHEDEN
TIEN GROTE KRIEGELWIJSHEDEN
1. Over ouders, grootouders en andere aliens:
'Geef de schuld niet aan de jeugd, het is meestal vader en/of moeder die niet deugt.'
2. Over zussen, broers en andere huisdieren:
'Wij zijn zussen en daar krijg je geen speld tussen.'
3. Over school, flikken en andere ongemakken:
'Wantrouw iedereen die beweert iets te doen voor je bestwil, of iemand die zegt dat je het later wel zult begrijpen én er dankbaar zult voor zijn, dat het je ooit nog zal spijten, het vroeger geen waar was geweest en/of witte sokken draagt.'
4. Over peperkoek met mosterd en andere lekkernijen
'Als het lekker smaakt zonder suiker, er niet meer dan 10 milligram nitraten per liter in zitten en niet piept als je erop drukt, dan is het gezond. Tenzij je kat er kaal van wordt.'
5. Over tv-kijken en andere saaie hobby's:
'Kijk er niet naar, doe het.'
4.Over kunst en andere onzin:
'Alles is kunst van zodra er een gek voor wil betalen. Zelfs onze stripalbums.'
5. Liefde, dromen en andere dagmerries:
'Liefde maakt blind, beweert men. Vandaar dat driekwart van de koppels het al snel niet meer ziet zitten.'
6. Over geld en andere tekorten:
'Geld stinkt, maar minder erg dan de mix van een maandenlang verstopt toilet, beschimmelde kliekjes, muizenpis, rattenkeutels en overjarige suikerwafels met pickles.'
7. Over godsdiensten, religies en ander bijgeloof:
'Er zijn al zoveel mensen die in iets geloven, waarom zouden wij het dan ook nog doen?'
10. Over sport en andere folteringen:
'Zelf afzien is vreemd genoeg nog altijd duizend en een halve keer leuker dan van op je luie sofa liggen kijken hoe andere gekken zich het pleuris sporten.'
KRIEGELSPREUKENSPELLETJE
Hieronder vind je telkens de aanzet van een bekende spreuk.
1. Wie een kuil graaft voor een ander…
2. De morgenstond…
3. Wie het laatst lacht…
4. Een gekregen paard…
5. Wie het kleine niet eert…
6. Na regen…
7. Wie zoekt…
8. Als de nood het hoogst is…
9. Wie niet sterk is…
10. Jong geleerd
Welke aanvulling hoort, volgens Lien, Sien en Fien, bij welke spreuk?
A. komt altijd veel te vroeg.
B. krijg je moeilijk in de koelkast
C. is meestal iets kwijt.
D. moet je oppassen voor losliggende tegels.
E. snel vergeten.
F. leert best zo vlug mogelijk katapult schieten.
G. is niet van de slimste.
H. heeft groot gelijk.
I. mag je in de lavabo pissen, beweert paps.
heeft de mop niet gesnapt.

